25 oktober 2015

Plagiaatkwestie: met hetzelfde witte konijn staren naar de maan

Door Gertie Schouten

Wat kan je doen als een filmproducent aan de haal gaat met wat jij hebt geschreven en doet of het van hemzelf is? Het overkwam Patrick van Rhijn. Hij begon een rechtszaak, die afgelopen zomer na drie jaar werd beslecht in zijn voordeel. “Ik ben blij dat nu duidelijk is dat je werk als schrijver niet vogelvrij is. Maar voor mij persoonlijk is het een pyrrusoverwinning.”
 

Na het einde van zijn huwelijk zorgt MTV-regisseur Patrick van Rhijn drie jaar met veel liefde en toewijding voor zijn dochtertje. Dan besluit de rechtbank dat het meisje beter af is bij haar moeder in Zweden. “Totaal onverwacht, tegen het advies van Raad voor de Kinderbescherming in. Drie vrouwelijke rechters”, vertelt Van Rhijn in het café in Delft waar we zijn neergestreken. “De volgende dag was ze weg.”

Van Rhijn schrijft een boek over wat hem is overkomen, ‘Weg van Lila. Een autobiografische roman over de strijd van een vader om zijn kind’. In het boek wordt hoofdpersoon Djon Maas, een MTV-regisseur die in Londen een opwindend leven leidt te midden van wereldsterren, drank en vrouwen, haast tegen zijn wil verliefd op de Zweedse Mikki. Ze raakt zwanger, ze trouwen en zijn gelukkig. Maar terug in Nederland loopt de relatie stuk en Mikki vertrekt naar Zweden. De zorg voor Lila wordt inzet van een slepende rechtszaak – met Djon als grote verliezer. In het dankwoord in 'Weg van Lila' richt Van Rhijn zich mede tot het Nederlandse rechtssysteem. ‘Zonder je incompetentie, je mannendiscriminatie en je onmenselijke slakkensnelheid was dit nooit mogelijk geweest.’

“'Weg van Lila' is een ode aan het samenzijn met mijn dochter, de drie jaar dat ze bij me was”, zegt Van Rhijn. “Als ze het er ooit moeilijk mee krijgt of vragen heeft, dan heb ik in ieder geval een boek geschreven dat laat zien wat ik voor haar voel. Maar het is ook een aanklacht tegen de zwakke positie van de vader in voogdijzaken. En in het algemeen tegen de manier waarop rechters omgaan met mensen die in zo’n moeilijke en pijnlijke situatie zitten. De beslissing over de zorg voor onze dochter is negen keer een maand uitgesteld. Dan word je gek.”
Die pijnlijke periode ligt alweer zo’n tien jaar achter Van Rhijn. Zijn dochter, destijds een peuter, is inmiddels 13 jaar en Van Rhijn is onlangs teruggekeerd naar Nederland, na jarenlang met zijn nieuwe gezin in Zweden te hebben gewoond, op een uurtje rijden van zijn dochter. Zijn twee andere kinderen, van vier en vijf, gaat hij straks ophalen van school.

Filmrechten

'Weg van Lila' en het vervolg, 'Vaderstad', verkopen behoorlijk en maken indruk op producent Steven de Jong, die ook een scheiding achter de rug heeft. Op 20 september 2010 mailt hij om te vragen of de filmrechten beschikbaar zijn. Van Rhijn zegt nu, met gevoel voor understatement: "Een gevalletje van pech. Ik ben van nature positief ingesteld en heb nog steeds het gevoel dat ik een geluksvogel ben. Maar zelfs goudhaantjes hebben wel eens een slechte dag.” Want dat ene korte mailtje zal uitmonden in een nieuwe jarenlange strijd in de rechtszaal en is het begin van het einde van zijn voorgenomen film. Van Rhijn wil al heel lang dat zijn verhaal wordt verfilmd en heeft voor een LOI-cursus scenarioschrijven zelfs al een treatment gemaakt.

De mannen doen een bakkie.

Het aanbod dat De Jong na afloop mailt, valt tegen. Eén euro voor de rechten en 3.000 euro als de film er ook daadwerkelijk komt. Van Rhijn doet met zijn uitgever een tegenbod en maakt duidelijk dat hij niet uit is op de hoofdprijs, maar De Jongs interesse is weg. Hij geeft prioriteit aan het verfilmen van zijn eigen echtscheidingsverhaal, laat hij weten.
Een jaar later, augustus 2011, weet Van Rhijns agent Henneman Agency producent NL Film wél te interesseren in een verfilming van 'Weg van Lila'. Alleen de handtekeningen ontbreken nog onder het contract. Van Rhijn zal een minimale vergoeding van 55.000 euro krijgen als de film er komt, plus een percentage van de winst. Eind goed, al goed.

Althans, dat lijkt zo. Want dan komt er een alarmerend mailtje van zijn nieuwe uitgever FMB/Dutch Media. Steven de Jong, niet wetend dat Van Rhijn inmiddels één van FMB’s auteurs is, heeft de uitgever benaderd met het voorstel om het script van zijn nieuwe film, Janey (roepnaam Jan), kind van de rekening, om te werken tot een boek. Het is de uitgever onmiddellijk opgevallen dat het scenario de inhoud van 'Weg van Lila' betreft. Al heet de hoofdpersoon nu Frenk Cremer en werkt hij niet bij de tv maar de radio.

Van Rhijn: “Ik wilde het script natuurlijk lezen. De uitgever was eerst – begrijpelijk - terughoudend, maar uiteindelijk stuurde ze me het op. Als je iemand ervandoor ziet gaan met het schilderij van de buren waarschuw je ze ook.
Ik begon te lezen… Je wangen worden rood, je bloeddruk stijgt, je hart gaat 25 keer sneller, je ziet meteen dat er iets schandaligs gebeurt. Maar er is een groot verschil tussen wat jou meteen duidelijk is en wat juridisch duidelijk gemaakt moet worden. Dat duurt jaren en is een aaneenschakeling van heel vervelende momenten.”

Kort geding

Van Rhijn spant na vergeefse brieven een kort geding aan tegen De Jong. Die reageert met een dreigende mail. 'Mocht je deze actie doorzetten, wat ik niet voor je hoop (advocaten zijn duur) dan zullen wij met een tegenvordering komen. Ook wij zullen kosten maken die we volledig op jou zullen verhalen. Tevens zal ik een claim - smaad - overwegen want mensen die over mijn rug (straks als de film er is), meer boekjes van zichzelf willen verkopen, is zo laaaaaag - BAH...’k heb er geen woorden voor!” In een volgende mail, 'de laatste waarschuwing' schrijft De Jong: ‘Dit gaat je de kop kosten’.

De Jong beweert dat zijn scenarioschrijver de eerste versie van Janey ‘van scratch’ geschreven heeft en dat hijzelf die versie heeft bewerkt ‘met daarin elementen uit mijn eigen echtscheiding’. Een echtscheidingsdrama als Kramer versus Kramer, noemt hij Janey. Hij gaat op volle kracht door met het project, organiseert crowdfunding, krijgt 180.000 euro toegezegd van het Filmfonds en cast al een hoofdrolspeelster. Begin 2012 moet er gedraaid worden. NL Film heeft Van Rhijn dan al laten weten af te zien van de optie op Weg van Lila. De producent wil geen film maken die zoveel lijkt op die van De Jong.

Het  kort geding wordt op 28 maart 2012 behandeld. Van Rhijn wint, glansrijk. ‘De karakters en de voortgang en ontwikkeling en het plot (…) vertonen een zo grote gelijkenis dat de indruk die het filmscript achterlaat in teveel essentiële en karakteristieke aspecten identiek is aan die van de boeken om het als onafhankelijke schepping te kunnen aanmerken’, oordeelt de rechter. In gewoon Nederlands: De Jong heeft plagiaat gepleegd. Hij wordt veroordeeld tot het betalen van de proceskosten van 15.000 euro.

De rechter ziet maar liefst 37 ‘punten van overeenstemming’ tussen Van Rhijns boeken en De Jongs filmscript, zowel in de grote lijnen als in specifieke details. De lijst is indrukwekkend. Een aantal voorbeelden:
2. Zowel in de boeken als in het filmscript krijgt de hoofdpersoon, nadat hij de rechtszaak heeft verloren, het inzicht dat de maan zijn verbondenheid op afstand symboliseert met zijn dochter nu zij beiden naar dezelfde maan kijken.
7. Zowel in de boeken als in het filmscript flirt de hoofdpersoon met een beroemde Nederlandse zangeres.
13. Zowel in de boeken als in het filmscript moet de hoofdpersoon naar het buitenland met artiesten, wat lastig is als alleen-zorgende vader.
24. Zowel in de boeken als in het filmscript besluit de hoofdpersoon om zijn dochter een wit konijn te geven om het advies van de Raad voor de kinderbescherming positief te beïnvloeden (…).
26. Zowel in de boeken als in het filmscript is de advocate van de hoofdpersoon positief over de uitkomst van de rechtszaak omdat de hoofdpersoon een procedure in kort geding heeft gewonnen en een voor hem gunstig advies van de Raad voor de kinderbescherming heeft gekregen, maar verliest de hoofdpersoon toch de bodemprocedure.

In het ongelijk

De zaak lijkt glashelder en de schok is dan ook groot als Van Rhijn op 17 juli 2013 in de bodemprocedure, een verplichte stap na het kort geding, alsnog in het ongelijk wordt gesteld. De rechter kijkt dit keer niet naar de lijst overeenkomsten als geheel, maar naar elk onderdeel afzonderlijk, en concludeert dat ‘de vele elementen uit de boeken die gelijkenis vertonen met het filmscript, wel tot een vermoeden van ontlening door Steven de Jong leiden, maar dat van auteursrechtinbreuk geen sprake is nu die elementen hetzij op zichzelf hetzij in de uitwerking ervan oorspronkelijkheid missen.’ Dit keer draait Van Rhijn op voor de proceskosten.

Hij is in een Zweedse supermarkt op zoek naar een broodje zalm als zijn advocaat hem hierover belt. “Ik wilde maar één ding: die winkel uit. Ik besefte meteen dat er een schuld van 18.000 euro boven mijn hoofd hing. En vooral dat iemand die ik een grove leugenaar en een oplichter vond, dus toestemming kreeg om mijn verhaal te jatten. Dat voelde als zo’n schandalig onrecht. Eigenlijk werd mijn dochter me nog een keer ontnomen. Zo heb ik dat ervaren.”

De uitspraak achtervolgt hem tot in de stille Zweedse bossen waar hij woont. “Het was een heel nare tijd. Op een dag, ik was weg voor een project, kwam de politie langs. Ze vroegen mijn vriendin of ze een bekende was van de heer Van Rhijn. Ze schrok zich kapot en dacht dat ik verongelukt was. Maar ze kwamen vanwege die 18.000 euro, die ik niet had en trouwens ook nooit zou gaan betalen.”

Van Rhijn, die tot dan toe een eigen advocaat had, belt na de nederlaag met Kees Holierhoek, voorzitter van de Stichting Rechtshulp Auteurs (SRA). De SRA, opgezet door de Vereniging voor Schrijvers &Vertalers en de Lira, had eerder al gepeild of ze iets voor Van Rhijn konden doen. “Bij het hoger beroep hebben ze me gelukkig geholpen. Ik denk mede omdat mijn zaak ging over de positie van, in feite, alle auteurs. Er lag nu een uitspraak die meldde: ‘Je mag alles pikken en jatten zonder dat je een vergoeding hoeft te betalen’. Alle auteurs en scheppers waren vogelvrij.”

Plagiaat

Het duurt dan nog twee jaar voordat hij met steun van de SRA in hoger beroep in het gelijk wordt gesteld. Het gerechtshof gaat op 2 juni 2015 lijnrecht in tegen de uitspraak van de rechtbank. "Het ‘totaalindrukcriterium’ is wel degelijk een factor bij het vaststellen van plagiaat, en losse elementen ‘die op zichzelf niet auteursrechtelijk beschermd zijn omdat zij zo banaal of triviaal zijn’ kunnen in die totaalindruk betrokken worden”, zegt het Hof.
Net als de kortgedingrechter constateert het hof dat er een waslijst aan overeenkomsten is tussen Van Rhijns boeken en het filmscript Janey, en dat deze door Van Rhijn ‘steeds zo specifiek en kenmerkend zijn uitgewerkt dat deze een eigen oorspronkelijk karakter hebben en een persoonlijk stempel van de maker dragen, waardoor zij tezamen en in combinatie als een eigen intellectuele schepping van Van Rhijn auteursrechtelijk beschermd zijn.’

“Fantastisch nieuws vandaag en eindelijk gerechtigheid!”, reageert Van Rhijn op zijn website. Financieel gezien is de uitspraak niet meer belangrijk: de partijen hebben inmiddels afgesproken dat, wat de uitspraak ook wordt, ze wederzijds niets meer zullen claimen. Van Rhijn hoeft ook de 18.000 euro niet aan De Jong te betalen.

Die afspraak wordt nog even stilgehouden, omdat Van Rhijn en de SRA het cruciaal vinden dat het Hof wel uitspraak doet. Die uitspraak zal immers doorwerken in toekomstige conflicten rond auteursrechtschendingen en plagiaat. “Ik ben heel blij dat het allemaal niet voor niets is geweest, dat het nu duidelijk is dat je werk als schrijver niet vogelvrij is en mensen er met hun tengels vanaf moeten blijven”, zegt Van Rhijn.
Hij heeft persoonlijk 8.000 euro in de rechtszaak moeten steken. In ieder geval een stuk minder dan De Jong, die er gauw zo’n 75.000 euro aan heeft moeten uitgeven, schat Van Rhijn als hij alles optelt: proces- en advocaatkosten, kosten voor de productie van de film.

“Als De Jong me in het begin een betere deal had geboden, was het voor iedereen een stuk leuker en een stuk voordeliger geweest én dan was er een film geweest. Voor 10.000 of zelfs 8.000 euro had ik het gedaan. Mijn uitgever vond het te weinig, maar ik wilde de film zo graag. Misschien wel te graag. Ik wilde, net als in mijn boeken, de liefde voor mijn dochter vangen, die zo typerend was voor de tijd dat ik met haar samen was. Toen zij hoorde over de filmplannen werd ze helemaal blij van het idee dat ze misschien een cameo’tje kon hebben en samen met mij ergens op de achtergrond door het beeld zou lopen. Alleen daarom al wilde ik het! Je moet toch een soort surrogaatvorm vinden voor je vaderschap als je je kind zelden ziet.”

Hoe ben je in conflicten? Het is waarschijnlijk geen toeval dat juist dat thema Van Rhijn bezighoudt in zijn werk. Over het kort geding destijds tegen Steven de Jong aarzelde hij geen moment. Maar als hij toen had geweten hoe het zou lopen, dan had hij het niet gedaan, zegt hij nu.

Pyrrusoverwinning

“Alle moeite, alle stress, al het werk, alle tijd, alle negatieve energie die ik erin heb moeten steken. Ik had niets te maken willen hebben met die voor mij vervelende man, met zijn fratsen en streken en intimidaties. Het heeft niets dan rottigheid opgeleverd. 
Dus ik weet het niet. Het is voor mij persoonlijk een pyrrusoverwinning. Ik heb trouwens ook nog overwogen om de filmrechten van Weg met Lila symbolisch voor een euro op Marktplaats te zetten. Als ik zelf besluit om iets weg te geven vind ik het prima, maar je moet het niet van me pikken.” Het is nog steeds Van Rhijns droom dat de film er komt. “Maar het plan is al bij aardig wat mensen langs geweest en je merkt dat het besmet is.”

Komt het ooit nog goed tussen Patrick van Rhijn en Steven de Jong? Van Rhijn haalt het weer aan: “Wie ben je in conflicten? Ik denk dat het belangrijk is om ze niet eeuwig te laten bestaan maar ze af te sluiten en daar iets positiefs uit te halen voor de toekomst. Dat is niet alleen goed voor jezelf, maar ook voor mensen om je heen. Ik verwacht alleen niet dat Steven de Jong die grootsheid kan opbrengen. Maar wat mij betreft buigen we dit toch voor iedereen vervelende proces om in iets positiefs, beklinken we het met een handdruk en zetten we er een punt achter.”

Naschrift GS: Steven de Jong stelt dat hij, in lijn met een afspraak tussen alle betrokkenen, geen reactie geeft op de zaak. Volgens Van Rhjin en zijn advocate is zo’n afspraak nooit gemaakt.
 
Foto: Roland J.Reinders